Een Spannend Interdiciplinair Traject

"everything in the world exists in order to end up as a book".
'The Book' : "where one gradually conjures up an object so as to demonstrate a state of mind"

(
Stéphane Mallarmé (Rothenberg and Guss, 1996:17)

Een kunstenaarsboek is een boek waarbij een kunstenaar de specifieke kenmerken van het boek als medium heeft gekozen. Een boek als een kunstwerk dat toegang geeft tot de ideeënwereld van de kunstenaar. Het kan een unicum betreffen maar evengoed in grote oplage gemaakt zijn. De mogelijkheid van oplage maakt het ‘als multiple’ in principe bereikbaar en toegankelijk voor een groot publiek. De criteria voor een kunstenaarsboek zijn niet strak te begrenzen, zoals de kunst zich ook per definitie niet binnen grenzen laat vangen. Juist in de grensgebieden vinden de experimenten plaats.

Lang was de kunstenaar de belangrijkste drijvende kracht bij het ontwikkelen van idee, vorm en uitwerken van het ‘kunstenaarsboek’. De laatste decennia is het kunstenaarsboek steeds vaker resultaat van een samenwerking tussen kunstenaar, grafisch vormgever, curator en/of schrijver. Vertrekkend vanuit een artistiek concept waarin de kunstenaar en zijn werk centraal staan wordt het boek ingekleurd met een artistiek vocabulaire dat raakt aan het specifieke karakter van het werk en ideeëngoed van de kunstenaar. Dat betekent voor de kunstenaar dat zij of hij het werk soms moet overleveren aan een proces waarin de controle niet helemaal in eigen hand ligt. Het medium boek geeft alle ruimte om te experimenteren met zowel beeld, tekst, als vorm. Het eindproduct kan als object functioneren maar ook als een verbeeldend narratief van korte of langere artistieke processen. De opvattingen van het fenomeen kunstenaarsboek als een bewuste artistieke toepassing en verkenning van het medium ‘boek’ sluit aan op deze ontwikkelingen. In die zin past het kunstenaarsboek in de trend van interdisciplinariteit.

In Nederland hebben over de tijd meerdere grafische vormgevers zich gespecialiseerd in het maken van (kunstenaars)boeken, zoals Renate Boere, Irma Boom, Peter Foolen, Hans Gremmen, Armand Mevis, Rob van Hoesel, Roger Willems en anderen. Een recente interdisciplinaire uitgave, waarbij sprake is van een nauwe samenwerking tussen kunstenaar, vormgever en schrijver is Deciphering the Artist's Mind (2020) van Berend Strik (1960). Over ontstaan en uitwerking van dit project met een duur van 10 jaar wordt hier nu uitgebreid ingegaan.

Voor Strik is een atelier veel meer als een werkplek/locatie, het is een ‘creatieve ruimte’: “De creatieve ruimte is de ruimte die de kunstenaar in zijn doen en laten aanspreekt waardoor er werken ontstaan die allerlei vormen zouden kunnen aannemen”.

In Deciphering the Artist's Mind wordt de relatie tussen de creatieve ruimte en esthetische concepten benaderd zoals deze zich ontwikkelt in ateliers van beeldbepalende internationale hedendaagse kunstenaars. Het esthetische concept moet hierbij gezien worden als de brug die de kunstenaar bouwt om toegang te krijgen als kijker/waarnemer met het betreffende kunstwerk. Een esthetische ervaring omdat de esthetiek, de schoonheid van het kunstwerk, is gecreëerd om een brug te slaan naar die ander, de kijker, de ervarende. De kunstwerken benaderen het ervarene in beeld. Volgens Strik verbindt het ervarene met het meer lastige misschien zelfs onzegbare of meer ondubbelzinnige van wat kunst resoneert.

Het project begon in het najaar 2010 in het atelier van Marcel Duchamp (1887-1968) in Manhattan, New York. Strik wilde beter begrijpen waarom op een specifiek moment het ‘object trouvé’ ontstond of werd bedacht. Op zwart wit foto’s is te zien dat Duchamp in zijn studio is omringd door objecten die hij een andere functie of context geeft, bijvoorbeeld een kapstok die op de grond van zijn studio is gemonteerd, of een fietswiel op een kruk als een soort mijmer of reflectie object. Het fietswiel stond eigenlijk model voor een manier van denken die niet persé in het object zelf zit als beeld. Maar waar het fietswiel in beginsel een studio object was waar de kunstenaar over nadacht, mijmerde, is het later in de discours en openbare discussie een object geworden; een voorbeeld bepalend voor een kunstvorm ‘de ready made’.

Centraal in dit voorbeeld is eigenlijk, aldus Strik, dat het gaat om een manier van denken die voelen vindbaar is in het atelier; ‘de creatieve ruimte’ waarin als het ware parallelle werelden samenkomen. Het atelier als plek om de ontwikkelingen in de hedendaagse kunst van de 20ste eeuw te begrijpen werd heel belangrijk voor Strik: “Ik was vooral benieuwd of ik meerdere plekken zou kunnen vinden en wilde in dit proces ook mijn eigen ontwikkeling overpeinzen. Het atelier als een model voor het ontstaan van kunstwerken, waar de echo van toekomstig werk en de betekenis van dat werk ervaren kan worden. Door dit alles kwam ik op het idee om meerdere ateliers van voor mij relevante kunstenaars te bezoeken en te fotograferen. Of de foto’s in staat zouden zijn inzicht te geven in het ontstaan van kunstwerken is niet een vaststaande zekerheid. Eerder een uitgangspunt waarmee ik dit proces ben ingegaan”.

Strik fotografeerde daarna vele ateliers, hij vergroot vervolgens de foto’s, drukt ze af en bestikt ze, voegt er kleuren en tactiele stoffen aan toe om die delen van het beeld te benadrukken die voor hem belangrijk zijn. Van de circa 100 bezochte ateliers zijn er zo’n 75 ‘afgerond’.

In de serie is het bezoek aan het atelier van Pollock mede van invloed geweest op keuzes die betrekking hebben op de inhoud en vormgeving van Deciphering the Artist's Mind. In het atelier op Long Island werkte Pollock tot 1956 en daarna werkte zijn vrouw Lee Krasner (1908-1984) er tot 1984. De studio is daarna uitvoerig onderzocht en zowel de vrijgekomen Pollock vloer als de wanden met verfspatten van Krasner zijn bewaard gebleven. Daarover gaan de foto’s en werken die Strik heeft gemaakt. In de ruimte kwam Strik ook een publicatie over Pollock tegen, uitgegeven door Centre Pompidou in Parijs in 1982. “Dit boek over Jackson Pollock laat een duidelijke verhouding zien tussen over wie het in het boek gaat, de kunstenaar, en diegenen die een bijdrage geven. De schrijvers, kunstenaars van het kaliber als Sam Francis, Robert Motherwell, Barnett Newman en bekende kunstcritici als Barbara Rode en Pierre Restany, krijgen een duidelijke positie. De curator van de tentoonstelling heeft een bescheiden plek. De kunstenaar staat centraal. In de huidige tijd lijkt het geld en de curator de centrale rol te spelen. Er is dus iets gebeurt in de hedendaagse kunst waardoor dit veranderd is. De onafhankelijke positie van de kunstenaar sneeuwt onder door de tijdsgeest. Deze ‘geest’ bepaald wat de curator meeneemt in zijn toe-eigeningen drift. Het laat zien wat ‘gepast’ is in het tijdsbestek. Mijn boek laat zien dat de kunstenaar, ondanks een vileine tijdsgeest, zijn gekozen weg onafhankelijk kan onderzoeken en uiteenzetten”.

Berend Strik op bezoek bij ARTisBOOK

Wat vindt Strik belangrijk en hoe komen zijn selecties tot stand? Strik: “Al langer volgde ik het werk van Martha Rosler (1943). Zij wordt wel gezien als de voorloper van de eerste golf feministische kunst. In de jaren ‘70 maakte zij indringende collages van huiskamer taferelen en plaatst deze in een wereldse context. Tot en met vandaag is zij heel actief in de hedendaagse kunstwereld. In een van haar lezingen jaren geleden sprak zij over de verdwaal mappen die Jackson Pollock (1912-1956) als kunstenaar maakte. Deze verdwaal mappen ziet zij als het begin van het verlies van de schilderkunst als autonome positie. Geld werd in haar ogen sturend in de positie van de schilderkunst. Nieuwsgierig om Martha te kunnen spreken liet ik in New York op een groepstentoonstelling met ook werk van Martha een briefje achter. Na drie maanden kwam er een heel aardige brief per e-mail. Ik mocht haar bezoeken. Ik bereidde het bezoek voor en ontmoette haar in haar atelier in Brooklyn. Inmiddels is er een derde golf feminisme geweest en nog steeds is er een achterstand op zowel de verhouding zichtbare vrouwelijke kunstenaars als ook het honorarium. 

Strik bezocht Vito Acconci (1941-2017) in 2015 om meer te begrijpen van de transformatie in zijn werk en loopbaan. De performancekunstenaar van begin jaren ‘70 tot eind jaren ’80, ontwikkelde zich steeds meer richting architect/planoloog/stedenbouwer. Zijn gevecht om gelijke kansen en reacties te krijgen met zijn meer hedendaagse praktijk was lastig, vastgepind te worden op zijn vroegere werk problematisch. Bij hem fotografeerde ik zijn plafond wat afbladderde en door mijn bewerking werd het een stedenbouw-kunstig landschap.

Stanley Brouwn (1935-2017) heb ik niet benaderd maar staat wel in het boek. Als conceptueel kunstenaar koos hij voor een losgekoppelde relatie tot de ‘kunstwereld’. Geen enkele concessie liet hij toe. Deze houding geeft mij inspiratie”.

Het belangrijkste uitgangspunt om het boek Deciphering the Artist's Mind te maken was om het project ‘een plek te geven’, goed af te ronden.

Strik heeft door schade en schande geleerd dat een kunstenaar niet alles kan en heeft daarom gekozen voor een interdisciplinaire uitgave. Met ieder aspect voor het realiseren van een boek is het volgens Strik spannend met specialisten te werken die veel ervaring hebben met dat medium. “Met Irma Boom is het realiseren van een boek een ervaring en een uitdaging op zich, zonder haar was dit resultaat ook niet gelukt. Boom is in mijn ervaring een kunstenaar in het maken van boeken, zelf noemt zij zichzelf boekmaker. Het materiaal wordt al samenwerkend een ‘nieuw’ geheel. Zij weet ook als geen ander de kunstenaar, de uitgever en de schrijver onder druk te zetten. Zij neemt daarin haar regie en dat heb ik als prettig ervaren.

Na het verwerken van het materiaal, verschillende vergaderingen, besprekingen en proefprints, groeide het boek stapje bij stapje tot bij de drukker. Op het laatste moment steeds verder en dieper op detail veranderen waardoor het boek beter en beter wordt; hoe het verloop wordt van de pagina’s, het ritme, kleur accenten, papiersoort, het bladeren, plaatsing van de afbeeldingen, plaatsing van de teksten, overgangen op andere papiersoorten. Ofwel een groot spanningsveld van beslissingen die gaandeweg worden genomen”.

Of het gelukt is om aan de hand van het boek de ideeën, de visie en de artistieke beeldtaal van de kunstenaar te ervaren vindt Strik moeilijk om te zeggen. Volgens Boom is het boek een begin van een nieuw project en niet het afronden van een project. Daar kan Strik zich in vinden. “In die zin ben ik heel blij met het boek. Het biedt nieuwe mogelijkheden. Het is een boek geworden met allure. Het is een tentoonstelling in een boek, een boek als presentatievorm en het is een manier geworden om mijn werk te beleven, te bestuderen, erover te lezen. Het boek heeft tijd nodig om gezien, beleefd en gelezen te kunnen worden. Dat zie ik ook als een bijzonder aspect aan het boek. Je verdwaalt in het boek door het te bestuderen, door te bladeren, door te zoeken, door te ontdekken”.

Het boek van 28 x 28 cm. is vormgegeven door Irma Boom (1960) en brengt een gedetailleerd overzicht van Strik’s reis door de ateliers van beduidende internationale kunstenaars, afbeeldingen zijn aangevuld met teksten die hij in samenwerking met Marja Bloem schreef. De publicatie is in een oplage van 1500 gemaakt en voor de editie zijn 50 boeken in een door Strik ontworpen doos en een met een hand bewerkte foto uitgevoerd; iedere editie verschilt van kleur en stiksel.

In de uitgave Deciphering the Artist's Mind speelt freelance curator en schrijver Marja Bloem een sterke rol in de teksten. Zij ken(de) veel van de gekozen kunstenaars en werd daarmee een geweldige aanvullende bron van informatie, zowel bij het maken van de teksten als bij de voorbereiding van verschillende atelier bezoeken. Strik: “In beginsel vertelde ik haar wat de beweegredenen zijn geweest voor de keuzes van de verschillende kunstenaars en ateliers en hoe ik met de betreffende situatie omging. Hoe ik de foto maakte en waarom. Vervolgens hebben Marja en ik eindeloos aan teksten gesleuteld tot een mooie reeks van 55 teksten (op de 100 ateliers waarvan er 75 afgerond zijn er 55 mooie teksten opleverde en een 20 tal teksten en werken waren nog niet af)”.

Deciphering the Artist's Mind geeft een mooi inzicht in ‘de wereld van Strik’. Het is een boek dat zo’n 10 jaar beslaat en dwars door de tijdsgeest heen zweeft op de nukken van de tijdsgeest. Het boek is een platform voor de kunstenaar Berend Strik om zijn afgelegde weg een nieuwe toekomst te kunnen geven. In zijn oeuvre van neemt het boek een hele speciale plek in. Vanaf Vliegenthart (1990) het eerste boek(je) tot dit boek is er een mooie ontwikkeling te zien. Gebundeld in een jas van verschillende krachten is dit boek ook een object op zichzelf, voltrokken uit de geest van een kunstenaar. Strik: “Persoonlijk heb ik geen affiniteit met handgemaakte kunstenaarsboeken. Dat is het intieme en kleinschalige wat mij tegenzit. Het mooie en bijzondere van een boek vind ik juist het bereik. Over de gehele wereld zou mijn boek kunnen liggen. Dat is wat een boek kan bereiken. Of ik mijn boek een kunstenaarsboek mag noemen ook al is het een boek ontworpen door boekmaker Irma Boom, een boek doordrenkt met kunstenaarschap van Berend Strik en is het een boek met veel teksten van Marja Bloem? Ik weet het niet, wel weet ik dat het een spannend interdisciplinair traject is geweest met een gaaf resultaat en openingen naar nieuwe horizonten”.

Stichting ARTisBOOK dankt Berend Strik voor zijn bijdrage en Els van Odijk voor haar commentaar en redactionele adviezen (januari 2020).